Materiaal

Je duikfles neemt je elke duik mee naar beneden, maar hoe vaak kijk je er echt naar? DOSA kreeg een rondleiding bij Procylma, waar duikcilinders worden gekeurd. Wat we daar zagen, willen we graag met je delen.

Bij DOSA verzamelen we anonieme meldingen van duikincidenten, groot en klein, om patronen te vinden waar alle duikers van kunnen leren. Materiaal speelt daarin regelmatig een rol. Daarom wilden we weten wat er gebeurt met een fles als die ter keuring wordt aangeboden. Het team van Procylma nam ruim de tijd om alles uit te leggen en liet ons zonder omwegen zien wat ze dagelijks tegenkomen. Daarvoor onze hartelijke dank.

Wat we zagen

De helft moet gestraald worden

Ongeveer de helft van de cilinders die binnenkomen, moet gestraald worden omdat er roest in of op de fles zit. Volgens Procylma neemt het aantal afkeuringen door roest toe.

Versleten schroefdraad is de grootste boosdoener

De meest voorkomende reden voor afkeur is versleten schroefdraad in de hals van de fles. Dat ontstaat door het vele in en uitdraaien van de kraan. Je ziet het van buiten niet, maar het bepaalt wel of de kraan goed en veilig vastzit.

Medewerker van Procylma toont een schroefdraadkaliber waarmee de schroefdraad in de hals van een duikfles wordt gecontroleerd

Roest zit vaak waar je niet kijkt

Onder het voetje en het netje blijft vocht staan. Zeker na duiken in zout water of in een chloorbad gaat het daar snel. Wie het voetje er nooit afhaalt, ziet de schade pas als het te laat is.

Onderkant van een duikfles met roestschade op de plek waar het voetje zat

Een camera laat niet alles zien

Bij de inwendige inspectie gebruikt Procylma een lamp die in de fles wordt neergelaten. Een camera vertekent het beeld, waardoor je beginnende roest of putjes makkelijk mist.

Doorgezaagde duikflessen waarin je de binnenwand en roestvorming ziet

Zo houd je je duikfles veilig

  1. Laat je fles elke 5 jaar keuren. De termijn is precies 5 jaar en de maand op de stempel telt. Ben je een maand te laat, dan is je fles niet meer goedgekeurd.
  2. Laat ook de kraan servicen. Minimaal elke 5 jaar, en liefst tegelijk met de keuring van de fles.
  3. Haal voetje en netje er regelmatig af. Spoel ze schoon en laat alles goed drogen, minimaal eens per kwartaal. Doe dit zeker na duiken in zout water of in het zwembad.
  4. Kijk zelf af en toe naar binnen. Gebruik een lampje en laat de inspectie bij twijfel over aan iemand die er verstand van heeft.
  5. Zorg dat fles en kraan bij elkaar passen. Niet elke kraan hoort op elke fles. Vraag het na bij je keuringsbedrijf of duikwinkel.
  6. Ga niet zelf stralen of spuiten. De stempels en markeringen op de fles moeten leesbaar blijven. Zijn ze dat niet, dan kan de fles niet meer gekeurd worden.
  7. Let op bij tweedehands flessen. Koop je een fles via bijvoorbeeld Marktplaats? Controleer dan of er een stempel van een erkende keuringsinstantie op staat en wanneer de laatste keuring was.
  8. Bescherm ook aluminium flessen. Aluminium roest anders dan staal, maar een laklaag beschermt ook deze flessen beter. Blanke lak kan ook, dan blijven de markeringen zichtbaar.
    Rij gelakte duikflessen na de keuring
  9. Vergeet het kleine flesje niet. Een klein noodflesje onder 0,5 liter hoeft niet gekeurd te worden, maar laat het wel regelmatig nakijken. Juist dat flesje moet het doen als het erop aankomt.

Waarom dit belangrijk is

Een duikfles staat onder hoge druk. Roest, een beschadigde wand of versleten schroefdraad zijn geen cosmetische problemen. Een keuring is het moment waarop iemand met ervaring kijkt naar dingen die jij als duiker niet ziet. Met een beetje onderhoud tussendoor voorkom je dat je fles bij de keuring wordt afgekeurd, en vooral dat er onder water iets misgaat.

Iets vreemds gezien aan je fles of kraan?

Een kraan die lastig dicht of open draait, een fles die bij het vullen raar reageert, roest die je ineens opmerkt: ook als er niets is gebeurd, kan jouw ervaring andere duikers helpen. Meld het anoniem en vertrouwelijk. Wij kijken naar patronen, niet naar personen, en zoeken nooit een schuldige.

Stoer zijn is goed. Ervaringen delen is beter, maar vraagt MOED.